« Terug naar het overzicht

Hypotheekrenteaftrek: afbouw raakt middeninkomens volgend jaar al en hogere inkomens vanaf 2020

Geplaatst op: 20 september 2018

Eén van de meest ingrijpende belastingmaatregelen van het kabinet Rutte 3 is de invoering van een tweeschijvensysteem voor de inkomstenbelasting en de daaraan gekoppelde beperking van de hypotheekrenteaftrek.
Op Prinsjesdag werd bekend hoe dit precies in z’n werk gaat.
Vanaf volgend jaar worden de belastingtarieven in drie jaar aangepast. Vanaf 2021 geldt tot een inkomen van 68 duizend euro een tarief van 37,05 procent en daarboven een tarief van 49,5 procent. Althans voor degenen die de AOW-leeftijd nog niet hebben bereikt.
Vanaf 2019 wordt ook het maximumpercentage van de hypotheekrenteaftrek aangepast. Dat ligt volgend jaar nog op 49 procent, maar daalt dan in stappen van 3 procentpunt tot 37,05 procent in 2023.
Gevolg van deze aanpassingen is dat middeninkomens de beperking van de hypotheekrenteaftrek vooral in 2019 flink voelen. Voor een inkomen tussen de 20.000 euro en ongeveer 68.000 euro ligt het belastingpercentage volgend jaar op 38,1 procent. Dat is 2,75 procentpunt lager dan dit jaar. Dit betekent ook dat de hypotheekrente tegen maximaal 38,1 procent kan worden verrekend om het belastbare inkomen te verlagen.
Voor hogere inkomens is de overgang in 2019 minder radicaal: die zien het maximale aftrekpercentage dalen van 49,5 procent in 2018 naar 49 procent in 2019.
Hogere inkomens voelen de pijn van de lagere hypotheekrenteaftrek vanaf 2020: dan gaat het in stappen van 3 procentpunt per jaar omlaag, tot in 2023 het maximale aftrekpercentage van 37 procent wordt bereikt.
De pijn van de lagere hypotheekrenteaftrek wordt iets verzacht doordat ook het eigenwoningforfait wordt aangepast. Dat is een bedrag dat je moet optellen bij je inkomen als je een eigen woning hebt.
Het eigenwoningforfait is gebaseerd op een percentage van de woz-waarde van de eigen woning. Maar dit percentage gaat de komende jaren omlaag voor huizen tot één miljoen euro.
Voor middeninkomens die tussen de 20.000 euro en 68.000 euro per jaar verdienen, gaat het dus vooral om de lagere rente-aftrek in 2019, als gevolg van de daling van belastingtarief van 40,85 procent naar 38,10 procent.
Let wel: door de verlaging van de belastingschijf in de tweede en derde schijf blijft er netto ook meer inkomen over. Dus het negatieve effect van de hypotheekrenteaftrek betekent dat het voordeel van de belastingverlaging minder groot is.

© 2022 - De Hypotheekfabriek - Realisatie & hosting: Esselink.nu